Tweede tussenuitspraak rechtbank over onderzoek tarieven afleversets Ennatuurlijk
De rechtbank Rotterdam heeft op 12 december 2025 een tweede tussenuitspraak gedaan in de zaak van Stichting Reeshofwarmte tegen een besluit van de ACM over de redelijkheid van de tarieven voor afleversets van warmteleverancier Ennatuurlijk. De rechtbank oordeelt dat de ACM het eerder vastgestelde motiveringsgebrek nog niet heeft hersteld.
In de eerste tussenuitspraak had de rechtbank geoordeeld dat het besluit van de ACM onvoldoende was gemotiveerd ten aanzien van de montagekosten. De ACM kreeg de gelegenheid dit gebrek te herstellen en nam een wijzigingsbesluit met aanvullende motivering.
De rechtbank is nu van oordeel dat deze aanvullende motivering tekortschiet. Volgens de rechtbank heeft de ACM onvoldoende onderbouwd waarom het redelijk zou zijn om geen onderscheid te maken in montagekosten tussen type B (zonder warmtewisselaar) en type C (met warmtewisselaar) en waarom bij de kosten voor het schouwen het redelijk zou zijn dat de mediaan van de offertes (het middelste offertebedrag) wordt gehanteerd, terwijl bij de montagekosten het gemiddelde bedrag wordt gehanteerd.
De ACM krijgt zes weken de tijd om het geconstateerde motiveringsgebrek te herstellen.